Ik las in Dark Entries (een Belgisch gothic magazine) een stukje waarin één van jullie zich afvraagt hoe Within Temptation met hun succes zouden omgaan. Of ze niet commerciëler zouden worden.
Karin: Die uitspraak zou van Margriet of van mij kunnen komen. Wanneer je succes hebt, doet dat toch wat met je. En ik ben wel benieuwd hoe je daar persoonlijk mee omgaat. Manon: Zeker omdat ze vrij snel na hun oprichting groot zijn geworden. Karin: Nou, ze waren al wel een tijdje bezig, maar ze hadden op een bepaald moment gewoon een concept ontwikkeld dat heel erg goed aansloeg, en toen is het vrij snel gegaan. Maar het vergt toch heel veel van je, er wordt beslag op je gelegd, iedereen wil iets van je en ik vraag me dan ook af hoe zij daarmee zouden omgaan. Zo sta je in één of ander klein zaaltje te spelen, en het volgende moment word je overal met een helikopter naartoe gesjeesd. Dat heeft best een grote invloed. Dat was eigenlijk wat wij ons afvroegen. Ik vind dat interessant bij elke band die voor een bepaalde doorbraak staat: het ene moment heeft bij wijze van spreken nog niemand van je gehoord, en het volgende moment wil iedereen je kennen. Dat kan met ons ook gebeuren. Nu zitten we met jullie op een terrasje wat te praten en iedereen passeert hier gewoon langs, en voor we het weten, worden we voortdurend gestoord voor een handtekening. (lacht) Daar ben ik ook wel nieuwsgierig naar.
En dan heb je misschien ook geen tijd meer om nummers te schrijven, zoals Within Temptation.
Karin: Nou nee, dan heb je mensen die het voor je doen, en dat is één keuze. Ik denk dat het op een bepaald moment je eigen keuze is hoe ver je gaat voor het succes dat je wordt aangereikt. Mother Earth is tot op de laatste druppel uitgemolken. Nu worden in Duitsland nog songs van die cd uitgebracht als een nieuwe hitsingle, terwijl die hier niet meer gedraaid wordt bij wijze van spreken. Dat klopt niet helemaal, maar het loopt als vlagen naars mekaar heen. Het verschil met ons is dat het bij ons allemaal tegelijkertijd uitkomt.
Jullie worden ook in Noord- en Zuid-Amerika uitgebracht.
Karin: Ja, we gaan er lekker voor. Ook in Japan, kom maar op. We hadden in Chili ook al eerder contacten gehad.
Op dat vlak zitten jullie wel goed bij Transmission, die twee gelijkaardige bands ook al in die landen heeft uitgebracht. Het is eerder nadelig voor het label, omdat het nu gothic genoemd wordt hoewel dat de bedoeling niet is, maar uiteindelijk zijn dat wel de bands die succes hebben.
Karin: Ja, maar aan de andere kant tekent hij niet veel bands, dus hij gelooft wel in de bands die hij tekent. En wij geloven ook in wat we doen, en we gaan er ook helemaal voor. Het is heel fijn om aansluiting daaraan te zien bij een platenmaatschappij. Manon: Transmission is voor ons gevoel, voor onze muziek, voor wat wij willen binnen Nederland inderdaad het beste label is waar we bij kunnen zitten. Karin: Maar aan de andere kant geeft de diversiteit van de bands ook dat we niet in dezelfde stroom moeten blijven zitten. Qua muziek heeft hij al twee gelijksoortige bands, After Forever en Epica. Het is natuurlijk moeilijk aan alle bands aandacht te geven als ze allemaal gelijkaardig zijn. Wij zullen ook weer met de anderen overlappingen hebben, wat voor hem ook weer ingang geeft tot andere mogelijkheden. Ik hoop toch dat dat een uitwisseling is tussen de platenmaatschappij en de band. Manon: Hans gaat er helemaal voor en dat is gewoon heel fijn.
In Nederland hebben jullie veel gothic bands die in Europa heel beroemd zijn.
Karin: Maar het valt me op dat de echte gothic bands, die in het buitenland veel succes hebben, in Nederland wat dat betreft niet zo succesvol zijn. De gothicscène in Nederland is voornamelijk gericht op industrial. Dan kom je daar af met snaren en met een drumstel, en ze weten bijna niet meer hoe dat eruit ziet. Ik denk dat dat gewoon beter in de markt ligt in Duitsland. In Duitsland heb je sowieso al een grote markt en daar zullen we ook meer aanslaan, daar is een gitaar nog niet zo taboe. Wat je ook hebt in Nederland: de metalscène is vrij groot, en door alle invloeden van buitenaf heeft het gothic daarmee meer raakvlakken gekregen en bijgevolg ook een ander publiek gekregen. Er zijn zeker ook overlappingen gekomen tussen de metal en de gothic en er zijn toch een aantal mensen die daar precies tussen zitten, die zitten waar wij ons thuis voelen. Ja, je mag daar met een drumstelletje komen aanzetten en met een paar gitaren, maar ook met een paar mooie koren en keyboards erbij en dat kan allemaal. Je kan nog steeds mooie ballads schrijven maar ook iets dat lekker rockt en waar een chorus bij komt. En dat is waar wij heel erg mee bezig zijn. Wat vonden jullie van de cd?
De eerste naam die mee te binnen schoot, was Inkubus Sukkubus. Karin: Die reactie hebben we ook vaak gehoord na de eerste cd. Dat wil zeggen dat we alleen maar onze eigen identiteit hebben weten te behouden. En de tweede cd klinkt wel anders dan de eerste cd, maar dat is natuurlijk ook niet zo gek omdat we ondertussen al bijna zeven jaar verder zijn, en met een hele andere bandbezetting werken. En wat voor ons toch ook een hele nieuwe manier van werken was, was met de keyboards en de samples erbij. Het is een hele mooie aanvulling maar het is toch wel even wennen als je zolang bezig bent geweest met een heel typebasic sound, om dan ook nog dit eraan toe te voegen. We weten niet of we nog meer gaan experimenteren met andere instrumenten. We zien wel wat we tegenkomen. Het rare is dat we nu al bijna moeten denken aan onze volgende cd, nog voordat deze al op de markt is. Alles loopt nu tegelijkertijd.
Vrouwen en fluokostuums
Werken jullie aan showelementen op jullie optredens?
Karin: Nee. We zijn natuurlijk heel erg bezig met de optredens, maar om er nu een hele speciale show van te maken nooit gedaan. Het is wel zo dat we altijd met heel veel expressie onze muziek spelen, en ik denk dat dat al lekker genoeg is om naar te kijken. Dus geen danseresjes, geen fluopakjes (lacht) En er is natuurlijk ook het verschil dat de meeste bands voornamelijk uit mannen bestaan, en daar kijkt het publiek toch wel anders naar dan bij een groep met een vrouwelijke point of view. Helemaal in het begin waren we met vier vrouwen, heel erg leuk. Als de band dan nog in haar kinderschoenen staat, vindt het publiek het allemaal schattig. Dan vinden ze het allemaal heel erg leuk totdat je op een moment beter gaat spelen dan sommige kerels in de zaal, en dan worden ze extra kritisch. Toen we als een band begonnen, speelden we ook in op dat vrouw-zijn en wilden we een statement maken. Dat is ondertussen wel zoveel jaren geleden, dus we waren wat opstandiger, maar op een gegeven moment wordt het muziekmaken gewoon belangrijker en gaat het niet meer om het vrouw-zijn, maar om het muzikant-zijn en dat is ook waarom er nu mannen in de band zitten. Het is heel prettig om mee samen te werken, ook omdat je dan een goede balans hebt. Op een bepaalde manier hebben ze toch een heel andere blik daarop. Maar het is wel grappig: het publiek denkt meestal dat de roadies de band zijn en wij de aanhang. Als we dan op het podium klimmen, denken we wel eens: "Laten we ze maar een poepje ruiken" en meestal lukt dat ook wel. (lacht)
Marijke Vervloet
|