Al sinds 1985 timmeren de tweelingzussen Karin Mol (drums) en Margriet Mol ( zang) , aan de weg. Ze begonnen met de Rotterdamse meidenband Twins No Twins, maar veranderden de bandnaam in Asrai toen de zaken serieuzere vormen begonnen aan te nemen. Nu. bijna twintig jaar later, heeft Asrai eindelijk een platencontract weten te bemachtigen voor het tweede album ' Touch in the Dark'. En terecht, want Asrai is een verademing binnen de Nederlandse gothic-stroming. De videoclip voor de eerste single " Pale Light" is regelmatig te op The Box te zien en schopte het zelfs als
Rock Alert tot nummer twee in de chart. Gaat Asrai hetzelfde lot tegemoetals Within Temptation? De doorgewinterde Karin Mol acht het niet onwaarschijnlijk.
The Box
"Waarom niet? Within Temptaion is er immers ook ingebeld. Natuurlijk moet je wel een schare fans hebben die daar heel fanatiek voor gaat. Voor ons ligt dat op dit moment wel iets moeilijker omdat we een lange tijd niet live hebben gespeeld. Via The Box bereiken we wel een nieuw publiek en die aandacht en vele positieve reacties van buiten onze eigen kring geven natuurlijk een geweldige kick! Overigens beschouw ik Asrai meer als een Gothic rockband dan als Gothic metalband.
De metal-invloeden in onze muziek zijn namelijk minimaal en bovendien hoor je bij ons geen sopraanzang gecombineerd met grunts.

De videoclip voor de volgende single : In front of me" is trouwens ook al klaar en die is helemaal getekend met cartoonachtige poppetjes. Echt waanzinnig!
Asrai zit in een nieuwe fase en daar gaan we volledig voor. Ja, en als je vijfendertig bent dan is het natuurlijk alles of niets, haha. Nee, ik denk niet dat onze leeftijd een belemmering is voor de marktwaarde. Ik heb daar tot nu toe tenminste nog niets van gemerkt, ook al zijn we daarvoor gewaarschuwd. Naast de muziek hebben we allemaal al een plekje in de maatschappij gevonden en bepaalde keuzes gemaakt. In ieder geval kunnen we ergens op terugvallen. Wat optredens betreft zijn we van plan om in England te beginnen. Daarna is het afwachten wat er in Nederland dit jaar nog te doen valt. Het probleem is dat we nu net tussen de seizoenen in vallen. Aan de anderekant is het wel prettiger spelen als het publiek ' Touch in the Dark' beter kent.
Nr7. juli 2004 25e jaargang
Liselotte Hegt
Het contract
"Ik kreeg de tip om onze CDemo naar Transmission Records (het label van onder andere Epica, After Forever en Aina, LH) op te sturen. De volgende dag bleek dat de platenbaas, Hans van Vuuren, al overal naar toe had gebeld om me te traceren. Dat was voor mij een grote bevestiging. Ik heb altijd heel erg in onzelf geloofd en ik heb me dan ook regelmatig afgevraagd ' waarom die andere band wel en wij net niet?'. Maar ik moet wel bekennen dat wij ook niet echt hebben lopen leuren met Asrai. We hadden er gewoon geen trek in om onszelf in de etalage te zetten. Het belangrijkste was dat we lekker ons eiegen ding konden doen.
Uiteraard wilden we deze nieuwe kans wel aan onze ervaringen kunnen toevoegen, want najarenlang in de underground te hebben gezeten ken je de klappen van de zweep wel. Dat was voor ons dus de reden om het contract met Transmission te tekenen. Ik moet zeggen dat ik de gedrevenheid van Hans als een verademing ervaar, want het is soms echt kommer en kwel in de muziekbusiness.

Zelf hebben we ook het nodige meegemaakt, waar je achteraf natuurlijk om kan lachen. In onze beginperiode bleek bijvoorbeeld de lichtshow alleen te bestaan uit een TL-balk of de lampjes van een flipperkast. Ook kwamen we eens bij een zaal aan die ineens van niets wist, terwijl alles in kannen en kruiken was. Toch voelde ik me nog het meest genept op de dag dat we op het Wave Gothic Treffen 2000 in Leipzig zouden optreden. Het ging ineens niet door omdat iemand van de organisatie er met het geld vandoor was gegaan."
Het album
De kans die we kregen om de CDemo opnieuw met meer mogelijkheden op te nemen, hebben we natuurlijk met beide handen aangegrepen. De CDemo was in twee weken klaar, terwijl we voor
'Touch in the Dark' alleen al een maand voor de opnamens in de studio hebben gezeten. Het werken met echte professionals, zoals Sascha Paeth die de eindmix heeft gedaan, en een echte producer is ook een enorm goede leerschool geweest. Als band heb je door de jaren heen toch een eigen formule gecreerd en daarom is het erg verfrissend en verrijkend als een buitenstaander daar eens een andere kijk op geeft. Door bijvoorbeeld te werken met harden gitaren en bepaalde sublagen is de sound van Asrai nu meer uitgediept. Ook hebben we het maximale uit Margriet kunnen halen door bijvoorbeeld te experimenteren met dubbele zangpartijen. Margriet heeft een veelzijdige stem en een bepaalde warmte en emotie die mij heel erg raakt. Ja ik ben een enorme fan van haar. Verder heeft producer Roman Schoensee ons de meest debiele dingen laten doen om de juiste geluiden te creeren. Het banaalste is toch wel dat we de hond van Roman een appeltje voor de microfoon lieten eten en tegelijkertijd een maat op zijn ribbekast klopten. Dat geluid is versneld en door een paar filters heen gehaals en vervolgens gebruikt in het nummer " Tower". Op zo'n moment zie je ook wat er eigenlijk allemaal mogelijk is.

Ik denk ook zeker dat het feit dat drie van de vijf bandleden vrouw zijn wel degelijk invloed heeft op de muziek. Het grote verschil is volgens mij dat vrouwen gevoelsmatiger en met meer emotie muziek maken, waardoor andere aspecten in de muziek worden benadrukt. Het valt me trouwens iedere keer weer op dat mannen onder elkaar ineens een stuk technischer praten. Zelf heb ik nooit bepaalde drummers als voorbeeld gehad. Ik heb het mezelf aangeleerd en het met mijn vrouwenlogica uit weten te frummelen. Ik speel ook heel erg in op wat Margriet doet. Op de CD komt dat wat minder naar voren, maar live gebeurt dat wel heel sterk. Tijdens een optreden kan ik ook zeer gegemotioneerd door haar raken. Op zo'n moment moet ik me echt concentreren op mijn spel anders biggelen de tranen over mijn wangen. in het schrijfproces groeit de zang ook altijd samen met de muziek en is er een balans tussen alle bandleden.

Voor ons is muziek maken geen concurrentiestrijd, maar is de onderlinge vriendschap het belangrijkste.
Het enige dat ik nog over " Touch in the Dark wil zeggen is: laat je meevoeren door onze emoties.
De teksten zijn belangrijk en erg persoonlijk, alleen hebben we besloten om ze niet uit te leggen. Daarmee haal je namelijk de betekenis voor de ander weg. Wij willen de luisteraar volledig de ruimte geven om het voor zichzelf een plek te geven. Dat vind ik nu eigenlijk het mooie van muziek.

Identieke tweeling

Margriet en ik hebben altijd al dezelfde muziekale intresse en leefstijl gedeeld, maar wel met ieder een eigen identiteit daarin. Begin jaren tachtig had je de disco en daar voelden we ons helemaal niet in thuis. Wel volgeden we trouw Toppop om op de hoogte te blijven. Dan zag je opeens zo'n Plastic Bertrand voorbijkomen en dat was toch veel gaver dan her hele gebeuren rondom Grease. Op een gegeven moment werden we via een televisieprogramma emotioneel geraakt door de alternatieve muziek van The Cure. Toen onze twee jaar oudere broer ook nog eens via school in aanraking kwam met punk was er  geen houden meer aan voor ons. Vooral de emotie die in de muziek werd gelegd was onze drijfveer. Als je nu in mijn CD-kast zou rondsnuffelen dan zie dat ik er van alles in heb staan, zoals The Damned, Kate Bush, Bauhaus, Type O Negative, Paradise Lost en Dreadful Shadows, Marilyn Manson vind ik stiekem toch ook erg leuk en Ministry is heel gaaf. Verder heb ik natuurlijk ook wat oude punk en heel veel gothic compliatie CD' s, want dan heb je toch net de leuke nummers ervan.
In de jaren tachtig was het in Nederland best triest gesteld met het vrouwzijn in de alternatieve muziek en ik kende geen enkele vrouw in mijn omgeving die in een band zat.

Toen we in 1985 begonne met Twins No Twins zaten we vol idealen en wilden we echt een statement maken. De eerste drie jaar heb ik gitaar gespeel, maar daarna ben ik op de drums overgestapt. Het grappige was dat niemand van ons een instrument konden bespelen toen we voor het eerst de oefenruimte instapten. Onze benadering was daarom  heel anders dan die van geschoolde of ervaren muziekanten. Puurder dan puur kon je het muziekaal niet hebben, maar onze sound was wel uniek.
We zaten in de punkscene, maar eigenlijk hebben we nooit punk gespeeld. Onze muziek was altijd vrij sober, waardoor we overal net buiten vielen. In die tijd kwam de gothic voornamelijk uit Amsterdam en was de scene in Rotterdam vrij klein.
As Voices Speak
Omdat we inmiddels zoveel line-upwisselingen en veranderingen hadden doorgemaakt, besloten we in december 1987 de bandnaam te veranderen in Asrai. We waren ook geen pure meidenban meer en ons gevoel voor muziek maken was veranderd en vooral serieuzer geworden.
Asrai is een waterelfje, dat  als ze gevangen wordt genomen of aan zonlicht wordt blootgesteld in water veranderd. Juist dat ongrijpbare sprak ons heel erg aan en we voelden een stere conectie met deze naam. We maakten geen Metal en geen Punk, maar we zweefden tussen allerlei stromingen in.

Na vier demo's vond ik het tijd worden voor een eigen beheer-CD en bovendien hadden we net weer een bezettingwisseling achter de rug. Dat was in 1997, een intensieve periode met ook weer veel optredens. ' As Voices Speak' is in drie dagen tijd opgenomen en dat is natuurlijk een behoorlijk verschil met ' Touch in the Dark'. Zelf vind ik het nog steeds een hele goeie CD, maar het nieuwe album is gewoon wat pakkender.
Poison Ivy heeft vervolgens ' As Voices Speak' nog in Duitsland  uitgebracht, maar helaas ging dat label daarna redelijk snel failliet. Het was echt een gemiste kans. Muziekaal  zit ' As Voices Speak'  wel in dezelfde sfeer als de nieuwe CD, maar het klinkt wel allemaal een stuk rauwer en daardoor emotioneler. De nummers zijn minder gepolijst en Margriet grunt meer. Ze kon gillen als de pest, maar vanwege een knobbel op haar stembanden doet ze dat niet meer.

Ik denk vaak met weemoed terug aan die tijd.

                                                                           
                                                                                                                        Liselotte Hegt.